elkeschrijft » Hoge tranen.

Hoge tranen.

Gepubliceerd op 24 september 2020 om 10:22


Als tiener heb ik veel gehuild. Op mijn kamerke boven, meestal al schrijvend. Soms eens al telefonerend (ja, ik deed dat toen nog, vaak meer dan een uur met mijn toenmalige soulmate). Ooit was het zo erg - het was wel tijdens mijn eerste écht zware periode - dat ik 's morgens op school verscheen met ogen alsof er 's nachts muggen hun behoefte hadden in gedaan. OFZO hahaha. Ik wil maar zeggen: mijn ogen waren zodanig gezwollen dat ik mij afvraag hoe ik daar in 's godsnaam mijn lenzen in gekregen heb.
Gooooh memoriezzzz :o) 

Als twintiger huilde ik ook nog veel, die mamahormonen kunnen daar ook wel een rolletje bij gespeeld hebben. 

Toen werd ik dertig en was het alsof mijn tranen op waren. Ik dacht ook wel gewoon dat ik über gelukkig was. ZIE MIJ GAAN, ik kon de wereld aan. 't Ding is dat ik gewoon niet meer stil durfde te staan, ik wist niet goed wat dat was. Ik was bang om alles op een rijtje te zetten. Ik dacht: hoe meer ik doe, hoe beter ik bezig ben. Eens je dertig bent, 'heb je het gemaakt in het leven', ben je in balans. Er gebeurden erge dingen, tegenslagen, feiten zwart op wit die me hadden moeten tegenhouden, maar integendeel: ik raasde er door. Ik schreef al jaren niet meer, dat was misschien wel het grootste teken aan de geestelijke wand. 


Alles zat vast. Emoties waren mij niet meer gekend. Het benoemen ervan, het voelen ervan. Niet de juiste zorg, niet de juiste behandeling, de foute kleur van pillen etc., zorgden ervoor dat het misschien zelfs nog minder binnen kwam. En plots begon de rots in mijn hoofd toch beetje bij beetje af te brokkelen. De minste emotie zorgde ervoor dat ik overspoeld werd door ne potvis pijn en verdriet. En daaaaar waren uiteindelijk weer die zilte tranen. Ik had ze niet echt gemist, dus ik heb ze dan ook nog een jaar zitten inslikken. 'Maar ik ga anders niet meer kunnen praten', zei ik altijd tegen de (zeer knappe ;)) verpleegkundige en hop, ik kon de tranen terug laten zakken in mijn maag. 

Vorige week was ik zo moe dat ik plots bedacht 'flopping hell', subiet word ik weer levensmoe. Een heel, heel enge gedachte. Ik heb het een heel klein beetje kunnen benoemen naar mijn lief toe. Dat is zo niet leuk, maar zo waardevol. Die zwarte rand rond mijn hart zal nooit meer weg gaan, ik snap het nu wel, maar 't is niet fijn. 

Als je kiest voor de opleiding ervaringswerker in de geestelijke gezondheid word je natuurlijk wel constant met de neus op de feiten gedrukt hé. Je moet wroeten in jezelf om te weten welke weg je uit wilt, welke krachten je helpen die weg te zoeken. Ik denk dat ik de wegenkaart nog ondersteboven aan 't houden ben, maar ik snap de legende al wel. Ik heb door hoe de schaal werkt. Wat mijn autostrades zijn en welke binnenweugsjes kunnen helpen. MO CHIPS zeg, 't is niet gescheten. Ik probeer zoveel mogelijk info en ervaringen mee te pikken en op te slaan in mijn brainz. Angstvallig probeer ik lichtjes te doen branden en notities te nemen van pakweg een Instagram bericht dat ik zo de max vind. Maar 't is OK. Zo lang ik af en toe op pauze kan duwen met een pot corn flakes (ja, dat is nog steeds mijn comfort food)...

Ik voel dat het toch iets van deze tijd is. Ik zie mensen springen, een ommezwaai maken in hun leven en min èrte kan daar zo warm van worden. P. zei gisteren nog: misschien moet je gewoon zelfstandig worden. En dan lachte ik: haha ja en wat heb ik te bieden!? Zijn verlossende antwoord? - ik weet niet ja, je kan een dienst verlenen, ehm ja, er is zeker iets, wel ja - :o) maar ik snap 'm wel! Dus als je loopt te klagen van 'en der is just niets veranderd na diene lockdown waar iedereen "nooit meer hetzelfde!" ging zijn', dan zou ik zeggen: ik denk het wel. Er zijn zaadjes geplant hier en daar. Mensen gaan actiever op zoek, spreken zotte ideetjes uit en weet je wat: doe maar!

Ik ben nu vierendertig en mijn tranen zijn weer even op. Of ze zitten ergens in een kluisje en de sleutel is ikweetnietwaar (of misschien in één van Fie haar broekzakken zoals haar duizend mondmaskers), maar kijk: deze ochtend zat er een vliegske in mijn oog. Je zou je kunnen afvragen: en 't eerste da je doet, Vansleuven, is ne foto trekken van jen totje? (Ties zegt totje, kjoet hé) AWEL JA, ik ging een foto trekken van hetgeen mij raakte, want ik deel dat al eens graag op mijn Instagram, maar mijn camera stond verkeerd en toen zag ik mijn vlekkerig gezicht en dacht ik: ja, wat zegt er nu meer!?

Ik wil ook springen eigenlijk, al ben ik dat wel al wat aan 't doen. Ik studeer weer. De tranen waren echter ook (again) wat frustratiewater, omdat de feiten er ook wel zijn: ik ben niet stabiel genoeg om al echt echt echt op eigen benen te staan. Ik hang vast aan bepaalde zaken waar ik niet aan onderuit kan en de ene dag weegt dat al eens zwaarder door dan de andere dag. Ziezo, dat is er ook weer even uit. Shout-out to mijn vriendinne voe 't leven die geweldig nieuws bracht deze ochtend. Een duwtje in mijn eigen rug ook, echt waar. <3

En ik spring, spring, spriiiiiiing. De wereld in.
(Ik hoop dat je vandaag met dat liedje in je hoofd zit, dat is dus van in 2003 hé man!)

XXX


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.